Adres: Galerie des Halles in 1348 Louvain-la-Neuve
Tentoonstellingen:
Ecole supérieure des Arts de l’image Le 75
Ma petite propagande
Wie langs de collecties van het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika loopt, beseft dat ze – toch zeker in de ogen van het publiek – een soort van reusachtige postkaart vormen die niet alleen van heel ver, maar ook heel lang geleden werd verstuurd. En dat is ook de fotografiestudenten van Le 75 niet ontgaan. Wat zij omschrijven is – vooral via de taxidermie – het ideale model van Afrika, het Afrika waar koloniaal België van droomde. De stukken van deze indrukwekkende buit die generaties wetenschappers zorgvuldig vergaarden, waren heel vaak clichés die de koloniale fantasie van ons land voedden. Op één plaats verzameld, vormden ze er een lichtend beeld van het werk dat ter plaatse werd verricht. Een manier om, onder de dekmantel van een aanlokkelijk exotisch schouwspel, in te stemmen met een Belgische aanwezigheid op Congolese bodem die niet altijd (soms zelfs helemaal niet!) wetenschappelijk gegrond was. In hun fototheek onthullen de archieven van UCL een schat aan persfoto’s die vooral getuigen van Belgisch Congo op het einde van de Tweede Wereldoorlog. Het lijkt wel alsof de kolonie van elk incident werd gevrijwaard. Want wat we hier zien, is een bespottelijk ‘Overzees België’ met onvermoeibaar opgevoerde figuren en kolonisten die zo uit Kuifje in Congo lijken te komen. Wat we hier te zien krijgen, is een soort van voorportaal van het aards paradijs van de blanken. Tussen de opgezette fauna en de koloniale actualiteit die we op balsemende foto’s aanschouwen, worden we verwelkomd in Een Perfecte Wereld.
Een bijzonder woord van dank aan mevr. Françoise Hiraux (Archieven van UCL). Ook dank aan Eric Dessert en Jean-Marc Vanthournoudt, docenten aan Le 75, die dit werk in het Koninklijk Museum voor Midden-Afrika opzetten en opvolgden.
Ma petite propagande loopt als leidraad van de Biënnale door alle tentoonstellingen heen. Het is een instrument om te sensibiliseren voor de (her)interpretatie van de afbeeldingen. Het Cultureel Centrum van Ottignies-Louvain-la-Neuve nodigde groepen van burgers en figuren uit de wereld van de fotografie uit om te snuisteren in familiealbums, archieven van bedrijven en organisaties, maar ook in de rijkdom aan ‘gevonden’ foto’s. Ze maakten fotoreeksen die, geconfronteerd met werken van auteurs, de scheppende en bijzondere kant van de beeldinterpretatie onderstrepen. Want buiten de kring van ‘ingewijden die er herinneringen aan ophalen’, verduidelijkt Jean-Marc Bodson, ‘hebben amateurfoto’s nog iets anders te vertellen dan wat eens was. Ze spreken ons toe via onze persoonlijke ervaringen. Ze brengen ons niet alleen terug naar onze eigen belevenissen, maar ontsluieren ook ons vermogen om door de foto’s heen te kijken’. Over het hele parcours van deze zevende Biënnale verschijnen deze ‘beeldfrasen’ in lichtgevende kaders. Een schat aan ‘parels’ die elkaar antwoorden en waarin ‘iets gebeurt’. Een uitnodiging om waakzaam te blijven kijken naar afbeeldingen van de wereld die de werkelijkheid, de herinnering, de interpretatie, de emotie, de verbeelding enz. oproepen. Ma petite propagande: beeldfrasen van de hand van Katherine Longly, Niko Triantafillou (met Julien Richa), het Museum voor Fotografie van Charleroi (Xavier Canonne), het Centre Régional de la Photographie Nord Pas-de-Calais in Douchy-les-Mines (Céline Duval), de Archieven van UCL (Jean-Marc Bodson) en Olivier Vanhoeydonck (ateliers van Université des Aînés en het Cultureel Centrum van Ottignies-Louvain-la-Neuve),
Concept: ean-Marc Bodson / Documentair platform